Het coronavirus zorgt bij werkgevers en werknemers voor vragen. In dit artikel worden alle arbeidsrechtelijke onderwerpen behandeld, zoals rechten en plichten tijdens quarantaine, vrees voor besmetting, het sluiten van scholen en ziekte.

Corona: preventieve maatregelen op het werk
Op een werkgever rust de plicht om zorg te dragen voor een veilige werkomgeving. Het is dan ook zaak dat werkgevers bewust zijn van én bewust omgaan met de mogelijke risico’s voor hun personeel en klanten. De te nemen maatregelen kunnen per bedrijf verschillen. Het nemen van hygiënemaatregelen ligt voor de hand, zoals het goed ventileren van ruimtes en verstrekken van desinfecterende middelen. Ook is het raadzaam om een protocol op te stellen rond specifieke hygiënevoorschriften en hoe te handelen bij een mogelijke besmetting met het virus. Volg hierin vooral de aanwijzingen van het RIVM op.

Reële vrees voor besmetting
De maatregelen om de verspreiding van virus in te perken, zijn in korte tijd opgeschaald. Bij een vermoeden van besmetting en/of gezondheidsklachten, adviseert het RIVM momenteel om een coronatest af te nemen. Strikt genomen dient een geteste persoon in (thuis)quarantaine te gaan, tot de uitslag bekend is. Als werkgever dient hiermee omgegaan te worden als een ziekmelding en zal de bedrijfsarts ingeschakeld gaan worden. De bedrijfsarts is ook de aangewezen persoon om te adviseren of besmetting (of een vermoeden daarvan) maakt dat er verdere maatregelen moeten worden genomen.

Maar wat als de werknemer zonder reële vrees thuis blijft?
In beginsel is dat niet mogelijk, zonder arbeidsrechtelijke gevolgen. De wet heeft voor deze specifieke situaties geen pasklare oplossing, waardoor partijen terug zullen moeten vallen op artikel 7:611 “goed werkgever- en werknemerschap”. Dit betekent dat partijen in alle redelijkheid moeten overleggen of er sprake is van een redelijk onderbouwd vermoeden van besmetting. Angst zal onvoldoende zijn (tenzij ‘ziekmakend’) en er zal gekeken moeten worden naar de concrete feiten en omstandigheden. Blijkt de afwezigheid zonder reële grond, dan heeft de werknemer in beginsel ook geen recht op loon.

Wanneer moet de werkgever het loon doorbetalen?
Is de werknemer ziek of blijkt besmet en kan hij daardoor zijn werk niet uitvoeren, dan zal er geen discussie zijn dat het loon zal moeten worden doorbetaald. Het is verder aan de bedrijfsarts om de (medische) situatie van de werknemer vast te stellen.

Zit een werknemer in quarantaine, is hij slechts een ‘beetje grieperig’ of komt hij niet op het werk i.v.m. vrees op besmetting, dan wordt het gecompliceerder. Partijen zullen dan terugvallen op artikel 7:627 BW waarin is bepaald: “Geen arbeid, wel loon, tenzij het niet verrichten van arbeid voor rekening van de werknemer moet komen.” Daar kan spraken van zijn, wanneer een werknemer (bewust) afreist naar een risicogebied.

Quarantaine en loon
Kan een werknemer niet werken omdat hij in quarantaine zit, dan volgt hij feitelijk een overheidsmaatregel of instructie op en kan zijn afwezigheid niet voor zijn rekening komen. Het loon van deze werknemer zal doorbetaald moeten worden.

Een ‘beetje grieperig’ en loon
Is de werknemer ‘een beetje grieperig’, dan zal hij zich feitelijk ziekmelden en dient de werknemer een coronatest te ondergaan. Verder is het aan de bedrijfsarts om de situatie van de werknemer te beoordelen. Ook in deze situatie heeft de werknemer echt op loon, i.v.m. afwezigheid die niet voor rekening van de werknemer komt.

Angst voor corona en loon
Zonder reële concrete feiten en omstandigheden, kan een werknemer niet zomaar thuis blijven. Besluit een werknemer niet op het werk te verschijnen, dan kan in beginsel de loondoorbetaling worden gestopt. Zoals hiervoor aangegeven zal de werkgever wel zorg moeten dragen voor voldoende voorzorgmaatregelen (veilige werkomgeving) en dienen partijen zich als goed werkgever en werknemer te gedragen. Of gesteld kan worden dat “het niet verrichten van arbeid voor rekening van de werknemer moet komen” – zal per situatie beoordeeld moeten worden.

Economische gevolgen voor werkgevers
Wanneer het coronavirus economische gevolgen heeft voor de onderneming, wegens het wegblijven van klanten en/of toeleveringsproblemen van goederen, dan valt dit onder het ‘ondernemersrisico’. Ook al is er geen werk, de werknemers behouden hun recht op loon.

Ondertussen heeft de overheid diverse maatregelen getroffen waar ondernemers aanspraak op kunnen maken. Meer informatie over deze regelingen is te vinden op www.kvk.nl/corona.

Extreme maatregelen: gesloten scholen en kinderdagverblijven
Bij de sluiting van openbare voorzieningen, waardoor werknemers een oplossing moeten zoeken voor (bijvoorbeeld) hun kinderen, geldt het volgende.

Direct na de eerste/onverwachte mededeling tot het sluiting van de scholen of kinderopvang, kan de werknemer een beroep doen op calamiteitenverlof en behoudt -onder deze regeling- recht op loon. Nadat de ‘calamiteit’ over is (feitelijk na de eerste dag), zal de werknemer een oplossing moeten hebben gevonden voor zijn probleem. Kortdurend zorgverlof ziet op de noodzakelijke verzorging van een ziek persoon, waar (dus) geen sprake van is. In beginsel zal deze werknemer zijn vakantiedagen moeten aanspreken, tenzij werkgever en werknemer onderling andere afspraken maken.

Wees voorbereid Om te voorkomen dat je als werkgever wordt geconfronteerd met onvoorziene gevolgen is het sterk aan te raden voorzorgsmaatregelen te treffen. Stel hygiënemaatregelen vast en een protocol hoe te handelen bij een (mogelijke) besmetting. Wordt de bedrijfsvoering ernstig verstoord, neem dan maatregelen.

Meer informatie of hulp?
Heeft u vragen over de gevolgen van het coronavirus voor werkgevers en/of werknemers, neem dan contact op met mr. Bart Sprangers van Advocatenkantoor The Legal Department (www.legaldep.nl). Hij kan u helpen bij de noodzakelijke voorbereiding en de gevolgen voor uw onderneming.